Leren Leren 2

Leren Leren training 3: 2e mindmap.

Get Started. It's Free
or sign up with your email address
Leren Leren 2 by Mind Map: Leren Leren 2

1. leergeheugenonderzoek

1.1. Leergeheugen test kortetermijn geheugen.

1.2. Tekstueel 42% van de mensen

1.2.1. 42% van de mensen

1.2.2. Leerlingen die slecht scoren lezen niet goed.

1.2.2.1. Ook herhalen

1.2.2.2. Sctructuurmap maken

1.2.2.3. Voorlezen voor jezelf / spraakfunctie laptop

1.3. Visueel ingesteld

1.3.1. Bij nadenken kijken omhoog

1.3.2. Neurolignistisch programeren.

1.3.2.1. Links kijken: uit geheugen

1.3.2.2. Rechts kijken: bedenken

1.4. Auditief zwakker: visueel toevoegen.

1.5. Alles laag scoren?

1.5.1. Hoogbegaafde leerlingen? Niet gewend om werkgeheugen te gebruiken

1.5.2. Tijdgeest? Nu veel visueel ingesteld? Visuele moet een ondersteuning zijn van het talige zodat het talige ook ontwikkeld wordt.

1.5.3. Faalangstig? Dan niet extra trainen

1.5.4. Elke dag geheugen training doen

2. Leerstrategieën

2.1. Leer strategieën (herinnering creëren) nodig om in lange termijn geheugen op te slaan

2.1.1. Sctructuurmap

2.1.1.1. Eerst kost meer tijd

2.1.1.2. Na langere tijd

2.1.2. Roman Loci methode

2.1.2.1. Maak er een beeld van in hoofd

2.1.2.2. Hoe gekker het beeld, hoe makkelijker te onthouden

2.1.2.2.1. Bijvoorbeeld pak vla uitgeknepen op de TV

2.1.2.3. Manier van sctrucureren

2.1.2.3.1. Sommige kinderen getructureerd met de klok mee

2.1.2.3.2. Anderen vna boven naar beneden

2.1.3. Ezelsbruggetje

2.1.3.1. Woorden onthouden: Evitér (Evita is goed in vermijden)

2.1.4. Kaartjes

2.1.4.1. Kaartjes op de trap

2.1.5. Bewegen

2.1.5.1. Woordjes leren werkt goed met bewegen

2.1.5.2. Bal overgooien

3. Dyslexie

3.1. 2 hoofdzakelijke problemen

3.1.1. Klanken

3.1.1.1. Klinken hetzelfde

3.1.1.1.1. bv ei/ie/ij

3.1.2. Geen woordbeeld

3.1.2.1. Zien heel lang losse letters, geen woordbeeld

3.1.2.2. Moeten daardoor woorden decoderen

3.2. 1-3% maar 10%-14% heeft dignose

3.2.1. Maar gevolgen dyslectie kan ook door iets kunnen komen.

3.2.1.1. Visueel ingestelde kinderen waar talige onder ontwikkeld is

3.2.1.2. Slechtere samenwerking tussen linker-rechter hersenhelft

3.2.1.3. Moeite met automatiseren

3.3. Als het met trainen verbeterslag maakt dan waarschijnlijk geen dyslectie

3.3.1. Bewegend leren

3.3.2. Ondersteunen met beeld

4. Planning en organisatie

4.1. Moet realistisch zijn

4.2. Herhaling is belangrijk in kleine porties

4.3. Maximaal 3 vakken op 1 dag

4.3.1. Als je vervooruit plant lukt dat

4.3.2. Meer maakt complexer

4.4. Maak en leervakken af te wisselen

4.5. Aan de planning houden

4.5.1. Ook als leerlingen eerder klaar zijn: beloning

4.5.2. Dan is het makkelijker vol te houden

4.6. Is een exucutive functie

4.6.1. Pas uit ontwikkeld rond 25e

4.6.2. Niet kunnen verwachten van leerlingen dat ze dit al kunnen

4.7. Planner

4.7.1. Weekoverzicht is belangrijk

4.7.2. Bij agenda ook

4.7.2.1. Vrije tijd

4.7.2.2. Lesuren

4.8. Als het plannen niet lukt

4.8.1. Onderzoeken wat doe je op momenten dat je wordt afgeleid

5. Afsluiting en evaluatie

5.1. 2 mails

5.1.1. Gemist?

5.1.1.1. 2 opnames

5.1.1.2. Opnames wissen na 24 mei

5.2. Evalueren de vragen

5.2.1. Graag beantwoorden

5.2.2. Deze cursus anders dan

5.3. Inloggen in cursus

5.3.1. Kan nog een half jaar

5.4. Hoe invullen bij Eligant?

5.4.1. Werkgroepje

5.4.2. Anette heeft nog 10 uur ter ondersteuning van werkgroepje.

6. Vragen

6.1. Gijs: Kunnen we het niet als coach intergreren zodat alle leerlingen het leren

6.1.1. Edtih: ook terug laten komen bij andere vakken

6.1.2. Anette: dat heeft zeker mijn voorkeur.

6.1.2.1. Kunt bijvoorbeeld module integreren bij verschillende vakken en daarna leerlingen stimuleren bij andere vakken te doen.

6.1.3. Teun: Bij duits ook module leren leren

6.2. Roman Loci: Hoe toepassen in de les?

6.2.1. Leren van woorden van biologie

6.2.1.1. Botjes: zichzelf overtrekken en skelet namen invullen

6.2.1.2. Organen tekening maken

6.2.1.3. Strip maken van fases van afweersysteem

6.2.2. Hoe kan je dat toepassen bij woorden leren?

6.3. Nick: Planning

6.3.1. Hoe achterstanden inhalen icm nieuw werk?

6.3.1.1. Eerst huidige werk

6.3.1.2. Daarna Inhaalwerk

6.3.1.3. Als je andersom doet blijf je achterstanden houden

6.3.1.4. Vraagt van leraren flexibiliteit want wordt wel later ingeleverd.

6.4. Tim: Wat als "Ik heb geen zin"

6.4.1. Kun je eerst iets doen waar je wel zin in hebt en lukt het dan wel?

6.4.2. Is het dicipline?

6.4.3. Of zit er iets achter? Bijvoorbeeld dat ze het niet zo goed begrijpen.

6.4.4. Soms werkt het confronterend: Je bent stom bezig je hebt geen zin in school, maar als je zo door gaat zit je nog een jaar langer op school.

6.4.5. Deze leerstrategieën werkt vooral voor leerlingen die moeite hebben met leren maar wel gemotiveerd zijn om beter te leren.