Mevrouw X (84 jaar, 1.64 m., 59 kg., femurfractuur li) (DHS-operatie)

Get Started. It's Free
or sign up with your email address
Rocket clouds
Mevrouw X (84 jaar, 1.64 m., 59 kg., femurfractuur li) (DHS-operatie) by Mind Map: Mevrouw X (84 jaar, 1.64 m., 59 kg., femurfractuur li) (DHS-operatie)

1. Gegevens

1.1. Stageplek

1.1.1. Cardiaal belast, hypertensie, alcoholabuses,

1.1.2. Veel pijn bij het gebruiken van het linkerbeen

1.1.3. Erg moe, moeite met inslapen

1.1.4. Af en toe nog wat misselijk

1.2. Zelf

1.2.1. Wond zag er prima uit

1.2.2. Intake is goed, drinkt en eet voldoende

1.2.3. Ik heb gekeken bij de ochtendzorg of mevrouw doorligplekken (decubitus) heeft. Dit is niet het geval. Mevrouw wordt door de verpleging in verschillende houdingen gebracht om decubitus te voorkomen.

1.3. Onduidelijk

1.3.1. Komt moeheid door de narcose / pijnstilling?

1.3.2. Komt misselijkheid door de narcose / pijnstilling (morfine)?

2. Diagnose

2.1. Stageplek

2.1.1. Femurfractuur

2.1.2. DHS-operatie

2.2. Zelf

2.2.1. Verpleegprobleem 1

2.2.2. P : Tekort aan zelfredzaamheid

2.2.2.1. E : DHS-operatie

2.2.2.2. S : kan de huishoudelijke taken niet voltooien, kan niet zelfstandig lopen, geeft aan thuis geen / niet voldoende hulp te hebben

2.2.3. Verpleegprobleem 2

2.2.4. P : verstoord slaappatroon

2.2.4.1. E : pijn

2.2.4.2. S : komt moeilijk in slaap, ligt 's avonds in bed veel na te denken, is overdag heel moe, doet middagdutjes

2.3. Onduidelijk

2.3.1. Mevrouw geeft aan dat de pijn de voornaamste reden is van het moeilijk in slaap komen. Maar zou dit ook iets anders kunnen zijn? Mw. is in een andere omgeving dan thuis, is misschien nog geschrokken van de val, etc.

3. Evaluatie

3.1. Stageplek

3.1.1. 3 x Rapportages : dag, avond en nacht

3.1.2. 3 x APS-metingen en EWS-metingen

3.1.3. 1 x in de week (op de donderdag) een bespreking met alle artsen

3.1.4. Artsenvisite, elke ochtend.

3.2. Zelf

3.2.1. Meten en rapporteren van de EWS

4. Doel

4.1. Stageplek

4.1.1. Mevrouw moet voordat zij naar een revalidatieplek gaat (binnen 4 dagen) m.b.v. het looprek van het bed naar de wc en van het bed naar de stoel kunnen lopen.

4.2. Zelf

4.2.1. Het doel van de stageplek SMART geschreven.

4.2.2. Ondersteuning geven bij het behalen van het gestelde doel. D.w.z. mevrouw begeleiden naar het toilet.

5. Acties / Interventies

5.1. Stageplek

5.1.1. Verpleegkundige ondersteunen mevrouw bij de ADL

5.1.2. Zelfredzaamheid bevorderen.

5.1.3. Mevrouw gaat elke dag naar de oefenzaal o.b.v. een fysiotherapeut om het mobiliseren te bevorderen.

5.1.4. Bij voldoende zelfredzaamheid wordt mevrouw aangemeld bij zorgbemiddeling. Zij zullen dan een plekje voor mevrouw gaan zoeken.

5.2. Zelf

5.2.1. Helpen met de ochtend- of avondzorg (hierin mevrouw begeleiden en geen taken overnemen).

5.2.2. Zo nodig helpen met het mobiliseren vanuit bed naar de stoel en weer terug.

5.3. Onduidelijk

5.3.1. Mevrouw is erg angstig bij het lopen, hierdoor wordt het mobiliseren moeilijker. Zou er niet meer moeten worden gekeken naar het vertrouwen dat mevrouw in zichzelf heeft bij het lopen? Misschien dat als mevrouw meer vertrouwen krijgt bij het lopen, het mobiliseren een stuk vlotter zal verlopen.